Op langere termijn kunnen aandoeningen aan het zachte weefsel voorkomen, zoals mucositis, peri-implantitis en problemen met suprastructuren. Mucositis wordt veroorzaakt door een slechte mondhygiëne.
In interviews en artikelen over implantologie gaat het vaak over botstructuren, materialen en technische instructies. De organisatie en nazorg rond een implantaatbehandeling krijgt daarbij weinig aandacht. Onterecht, vindt tandarts-parodontoloog/implantoloog Gordon van der Avoort (ACTA). Dental Tribune sprak met Van der Avoort over de belangrijkste aandachtspunten van nazorg en complicaties bij implantaten.

Welke complicaties komen het meest voor?

Direct na plaatsing kunnen chirurgische complicaties voorkomen als nabloedingen, infecties, wondcomplicaties en problemen met osseointegratie. Bij een wondinfectie bestaat het risico dat het implantaat niet goed vastgroeit. Complicaties rond osseointegratie kunnen vlak na de operatie ontdekt worden of soms maanden later. Ze komen niet vaak meer voor, omdat implantaten heel goed zijn. Zelfs in relatief zacht bot is implanteren mogelijk.

Een paar maanden later kan blijken dat een implantaat niet goed gepakt heeft, terwijl er nauwelijks ontsteking is geweest. Soms voelen patiënten zelf dat er iets niet goed zit, maar lang niet altijd. Tijdens de controle kan de tandarts erachter komen dat een implantaat los zit door de plek waar geïmplanteerd is aan te raken. Vaak is het weefsel daar gevoelig en een slecht zittend implantaat kun je zo uit de kaak draaien. Gelukkig is bij een mislukte osseointegratie herimplantatie bijna altijd een optie.

Peri-implantitis, mucositis en suprastructuren

Op langere termijn kunnen aandoeningen aan het zachte weefsel voorkomen, zoals mucositis, peri-implantitis en problemen met suprastructuren. Mucositis wordt veroorzaakt door een slechte mondhygiëne, te wijten aan slechte reiniging door de patiënt en soms ook slechte voorlichting. Peri-implantitis ontstaat uit niet of onvoldoende behandelde mucositis. Peri-implantitis is in de internationale mondzorg een ‘hot topic’ omdat het voor botafbraak zorgt bij implantaten. Bovendien komt het vaak voor: de percentages lopen, afhankelijk van de publicatie, uiteen van 15% tot 40%. Bij ACTA hebben we daarom een apart spreekuur voor patiënten met peri-implantitis.

Wat zijn risicofactoren voor het ontstaan van infectieuze complicaties?

De belangrijkste risicofactoren zijn een slechte mondhygiëne en de bacteriële samenstelling van de biofilm. Er zijn aanwijzingen dat bij het ontstaan van peri-implantitis de biofilm een belangrijke rol speelt. Een medische geschiedenis van parodontale aandoeningen, roken, stress, een slechte mondhygiëne, alcoholgebruik, een slechte conditie en ongecontroleerde diabetes mellitus zijn aanvullende risicofactoren.

De behandeling van peri-implantitis is vrij complex en hangt onder meer af van de mate van botafbraak. De behandeling kan bestaan uit submucosale reiniging, chirurgisch ingrijpen en soms antibiotica.

Besteedt de tandarts voldoende tijd aan screening en nazorg?

De laatste jaren gebeurt de screening in Nederland redelijk zorgvuldig, maar hoewel implantologie wereldwijd booming is, wordt internationaal onvoldoende aan nazorg gedaan. Het is uit den boze om bij slechte poetsers, die altijd ontstoken tandvlees hebben, implantaten te plaatsen. Toch gebeurt dat wel. Op veel continenten zijn geen mondhygiënisten en wordt weinig aan parodontologie gedaan.

Waar het bij Nederlandse tandartsen vaak aan ontbreekt is een goed behandelplan waarin alle risicofactoren zijn verwerkt. In het behandelplan moeten ook alle aspecten van het gebit verwerkt worden. Bij gebrek hieraan verwijzen algemeen practici niet altijd nauwkeurig door naar implantologen en kaakchirurgen. Soms bestaat de verwijzing uit een briefje met de tekst “implantaat op deze plek plaatsen s.v.p”. Voor één implantaat is dat geen probleem, maar vaak gaat het om gecompliceerde behandelingen met meerdere implantaten en uitgebreide suprastructuren. Ik pleit ervoor dat de algemeen practicus die zelf geen implantologie beoefent, beter leert doorverwijzen naar de implantoloog.

Tijdens het congres Implantologie 2013 gaat u het hebben over nazorg bij implantaten. Waarom is dit een belangrijk onderwerp?
Door slechte nazorg kunnen implantaten verloren gaan. Vorig jaar hebben wij bij de herziening van het boek Professionele gebitsreiniging een hoofdstuk over de reiniging van implantaten toegevoegd. Ik kwam er toen namelijk achter dat er weinig is vastgelegd over de nazorg van implantaten en besloot me erin te verdiepen. Tegenwoordig hebben wij nazorg en complicaties toegevoegd aan het onderwijsprogramma van ACTA.
Steeds meer tandartsen krijgen te maken met patiënten met implantaten. Het ontbreekt echter vaak aan kennis over nazorg. Gelukkig zijn steeds meer tandartsen zich ervan bewust dat deze het falen van implantaten kan voorkomen. Het is een blamage voor de implantologie als kostbare implantaten verloren gaan door slechte nazorg.

Lees het hele artikel uit Dental Tribune